Ongedierte op Urk vormde plaag na inpoldering, een verhaal van aanpassen en overleven

URK • Vr 10 oktober 2025 | 16:30 • Vrijdag 10 oktober 2025 | 16:30

De zeven plagen uit de Bijbel. Daar leek de natuur van Urk wel op, vlak na de inpoldering. Dat zegt Urker historicus Marjanne Romkes-Foppen.

In het kader van de Maand van de Geschiedenis, met dit jaar als thema 'Natuurlijk', duikt zij in het radioprogramma Studio Flevoland in de geschiedenis van de natuur op Urk na de inpoldering.

"Toen met de inpoldering het gebied van de de Noordoostpolder langzaam droogviel, werd het leven in eerste instantie niet makkelijker. De overgang bleek een ware natuurramp", legt ze uit. "Wat achterbleef waren ondiepe poelen vol vis. De ellende begon toen de vissen stierven. Het zorgde voor stank en de vis werd een voedingsbron voor ongedierte.

Iedereen een kat
Muggen, spreeuwen, spinnen, ratten en muizen volgden. "Elk huis had wel een katte (kat), die elke dag aan de bak kon."

Behalve het ongedierte werd ook de net ingepolderde grond zelf een probleem: "De eerste jaren, toen de poldergrond nog kaal lag, veranderden de straten bij elke windvlaag in een stuivende zandstorm. Huizen zaten onder het stof, wasgoed waaide van de lijnen en het zand knerpte tussen je tanden."

En toen kwam er ook nog riet in de polder: "Tijdens de inpoldering vormde het riet een overgang tussen land en water. Maar toen het land in de oorlogsjaren overwoekerd raakte door datzelfde riet, kwam er een nieuwe plaag. Het moest worden weggebrand om plaats te maken voor landbouwgewassen. En wanneer de wind naar het oosten draaide, hing er dagenlang een donkere rook over het dorp."

Herstel op en rond Urk
Uiteindelijk herstelde de natuur op en rond Urk zich. "Nog steeds worden er ontdekkingen gedaan over de natuur van het oude eiland. Zo zijn er, onder het wateroppervlak bij Urk, wortels gevonden van oeroude begroeiing - vermoedelijk resten van een romeins oerbos, dat hier ooit moet hebben gestaan. Een herinnering aan hoe lang de natuur haar sporen bewaart, zelfs onder het huidige land en water."

Romkes-Foppen geeft aan dat er ook nu waardevolle natuur is te vinden: "Een deel van het vroegere verdronken land van de Staart is tegenwoordig een beschermd natuurgebied: de witte en bruine zandvlakte, met haar eigen biodiversiteit. Een broedplaats voor vogels, en een thuis voor vele andere dieren, flora en fauna."


Dit gesprek is uitgezonden in het programma Studio Flevoland! Elke werkdag tussen 15:00 en 19:00 uur te zien en te horen bij Omroep Flevoland. Tips? Stuur een e-mail.

Deel artikel