Urker visser hielp nog één keer bij drugssmokkel vanwege bedreigde vriend: 'Kwam zo wit als een dooie bij me'

URK • Di 3 februari 2026 | 17:58 • Dinsdag 3 februari 2026 | 17:58

Hij verdiende rond 2015 veel geld met het opvissen van cocaïne om die zo het Nederlandse drugscircuit in te krijgen. Die bekentenis deed de Urker visser Andries K. dinsdagochtend nadat hij door de rechtbank en het Openbaar Ministerie twee uur lang was doorgezaagd over zijn verleden.

Op de vraag: "Klopt het dat u zich met drugshandel hebt beziggehouden?, antwoordde K. uiteindelijk met een zacht 'Ja'. De visserman benadrukte daarbij wel meermaals dat hij zelf nooit geld heeft geïnvesteerd in cocaïnetransporten.

Volgens K. zou het OM hem dus niet als opdrachtgever of onderdeel van een crimineel samenwerkingsverband moeten zien. "Ik heb me nooit beziggehouden met organiseren", zei hij dinsdagochtend in de rechtbank van Amsterdam.

De drugsverdenking is onderdeel van de strafzaak rondom de liquidatie van Vincent Jalink op 27 mei 2016. Andries K. staat in die zaak met drie anderen terecht. De Urker visser wordt verdacht van het geven van een opdracht tot ontvoering van Jalink. Het verslag van dag één vind je HIER, en dat van dag twee HIER.

Justitie denkt in het politiedossier wel degelijk aanwijzingen te zien dat K. ook zelf heeft meegedaan en geld heeft ingelegd in nieuwe transporten. Zo werden er meerdere berichten voorgelezen die medeverdachten Ferry B. en Muhammed S. elkaar in het jaar 2015 hebben gestuurd.

'Wat doen we met LIP?'
Daarin kwam de bijnaam LIP telkens terug. Het zou één van de bijnamen zijn geweest die de medeverdachten voor de Urker visserman hadden bedacht. De naam zou passen bij zijn wat grove gelaatstrekken. "Wie was mee op de boot?", vroeg de één aan de ander. "LIP", was het antwoord.

Een ander bericht: "Wat doen we met LIP? LIP heeft een boot als back-up. Je zegt dat LIP mee wil?" Volgens justitie zou weer een ander bericht expliciet op zijn financiële betrokkenheid wijzen. "Hoeveel zet LIP mee op R.?" Daarop de reactie: "LIP doet 12 mee." Volgens justitie zou dit kunnen betekenen dat K. twaalf kilo van een specifiek transport financierde en daardoor ook mee zou delen in de opbrengsten.

"Hier is mij niets van bekend, ik hoor die berichten voor het eerst", antwoordde K. nadat de berichten waren voorgelezen. Hij wilde niet veel openheid van zaken geven over zijn grijze verleden. "Ik ben voorzichtig met wat ik zeg, ik heb uiteindelijk schoon schip willen maken, dat is alles", vervolgde de Urker visser.

'Opnieuw binnengehengeld'
Andries K. werd ook gevraagd naar zijn rol bij de beruchte zaak met de kotter Z-181. Aan boord van dat schip werd op 10 juni 2017 261 kilo cocaïne gevonden. K. werd destijds gezien aan de kade toen de kustwacht en de politie de kotter de haven van Harlingen binnen brachten. Een dag eerder was het K. die één van de bemanningsleden had afgezet.

K. verklaarde dinsdag uitgebreid over de reden waarom hij destijds opnieuw dicht op het vuur zat. Op dat moment was hij naar eigen zeggen al meer dan een half jaar uit het drugswereldje gestapt. Na de liquidatie van Vincent Jalink (met wie K. een financieel conflict had) en de dood van zijn eigen vrouw had hij afstand genomen. "Toen heb ik gezegd: ik wil hier niets meer mee te maken hebben."

"U had het leventje achter u gelaten, maar u werd weer binnengehengeld, waarom?", vroeg één van de rechters. K.: "Om een vriend te helpen, die in nood was."

Volgens de visserman was het goede vriend Johannes N., de eigenaar van de Z-181, die plots bij hem aanklopte. "Die was zo wit als een dooie." Volgens K. was N. vlak daarvoor zwaar bedreigd door medeverdachte Muhammed S. om een spoedklus uit te voeren.

Serieuze bedreiging
"Meneer S. was bij Johannes gekomen. Die heeft tegen hem gezegd: zijn je vrouw en je kind je lief? Dan moet je een klus voor ons doen." Volgens K. was een containerschip met coke aan boord al onderweg richting Nederland en was er geen (vissers)boot geregeld om de drugs op te vangen en aan land te brengen.

S. zette N. vervolgens onder druk om toch een boot en bemanning te regelen. Volgens Andries K. omdat S. veel geld had geïnvesteerd in dat specifieke transport. "Er was poep aan de knikker, dat wist ik wel, het ging niet op de conventionele manier. Die bedreiging nam ik heel serieus."

Het was vervolgens Andries K. die op vrijdag 9 juni 2017 op de valreep een benodigd bemanningslid regelde. "Dat was ook een vriend van me. Die had de juiste papieren om te mogen vissen. Ik vertelde hem dat er wat te verdienen viel, maar ook dat er risico's waren. Hoeveel drugs er aan boord zou komen wist ik niet."

Naam op bemanningslijst
Later bleek dat de naam van Andries K. ook op de lijst stond van bemanningsleden die voor de 'visreis' waren geregistreerd. De visserman heeft geen idee hoe zijn naam daarop is terechtgekomen. Maar dat hij eventueel zelf zou zijn meegevaren, daar was geen sprake van, zei hij met klem.

"Het was niet de bedoeling om zelf aan boord te gaan. Dat wilde ik absoluut niet na alle ellende die ik er van gezien heb." Een dag later was K. wel aanwezig bij het geplande ophaalmoment van de coke in de haven van Harlingen. "Ik was er voor Johannes N. voor het geval er opnieuw bedreigingen zouden zijn."

Zover kwam het niet toen bleek dat de politie op dat moment toesloeg en de kotterbemanning op heterdaad betrapte. "Ik heb gezegd: ik trek me er vanaf en ben teruggereden naar Urk." Volgens K. wachtte hij in de daarop volgende maanden tot het moment zou komen dat hij zou worden opgepakt, maar dat moment kwam maar niet.

'Binnen de lijntjes'
De visserman werd uiteindelijk pas in 2018 opgepakt toen het onderzoek naar de moord op Vincent Jalink ging rollen. Nu, bijna acht jaar later staat hij eindelijk terecht. De afgelopen jaren heeft hij zich verre gehouden van criminele activiteiten, zo zei hij dinsdag. "Ik probeer nu binnen de lijntjes te lopen. Me ver van zaken afhouden die het daglicht niet kunnen verdragen."

Zou hij opnieuw de helpende hand toesteken als een vriend zou vastlopen in het criminele milieu?, vroeg één van de rechters hem tot slot. "Wat ik nu zou doen? Dan trek ik mijn veters wat vaster en ga ik hard rennen. Mij niet bellen."

Vrijdag is de vierde zittingsdag in de zaak Jalink. Dan worden de persoonlijke omstandigheden van de drie medeverdachten besproken. De nabestaanden van Jalink komen verder aan het woord, en die zullen ook een vordering voor een schadevergoeding indienen. Volgende week dinsdag komt het OM aan het woord en zullen naar verwachting ook de strafeisen worden uitgesproken.

Tekening eerste zittingsdag, links Andries K.

ANP

WhatsApp ons!
Heb jij een tip of verbetering? Stuur de redactie van Omroep Flevoland een bericht op 0320 28 5050 of stuur een mail: rtv@omroepflevoland.nl!

Deel artikel